VERHALEN

Meer weergeven

  1. Mattheus 2.


Toen dan Jezus te Betlehem in Juda geboren was ten tijde van koning Herodes, kwamen er te Jeruzalem wijzen uit het oosten 2 en vroegen: “Waar is de (pas)geboren koning der Joden? Want wij hebben zijn ster in het oosten zien opgaan en zijn gekomen om Hem onze hulde te brengen.” 

3 Toen koning Herodes dit hoorde, werd hij verontrust en heel Jeruzalem met hem. 4 Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk bijeen en legde hun de vraag voor, waar Christus moest geboren worden. 5 Zij antwoordden hem: “Te Betlehem in Juda. Zo immers staat er geschreven bij de profeet: 6 En gij, Betlehem, landstreek van Juda, gij zijt volstrekt niet de geringste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leidsman tevoorschijn treden, die herder zal zijn over mijn volk Israël.”

7 Toen ontbood Herodes in het geheim de wijzen en vroeg hun nauwkeurig naar de tijd waarop de ster verschenen was.8 Daarop zond hij hen naar Betlehem met de opdracht: “Gaat een zorgvuldig onderzoek instellen naar dat Kind en wanneer gij het gevonden hebt, bericht het mij dan, opdat ook ik het hulde kan gaan brengen.” 9 Na de koning aangehoord te hebben vertrokken zij. En zie, de ster die zij in het oosten hadden zien opgaan, ging voor hen uit totdat zij boven de plaats waar het kind zich bevond stil bleef staan. 10 Op het zien van de ster werden zij vervuld van overgrote vreugde.11 Zij gingen het huis binnen, zagen er het kind met zijn moeder Maria en op hun knieën neer vallend betuigden zij het hun hulde. Zij haalden hun schatten te voorschijn en boden het geschenken aan: goud, wierook en mirre. 12 En in een droom van Godswege gewaarschuwd niet meer naar Herodes terug te keren, vertrokken zij langs een andere weg naar hun land.

De foto's op de achtergronden en de voorgronden van onderstaande bibliodrama activiteiten zijn genomen tijdens een instructie bibliodrama aan de Lerarenopleiding Lager Onderwijs van de Odisee Hogeschool Campus Brussel op 28.11. 2018              

 

Bibliodramaspel

1. Inhouden en doelen

 

1.1. Enkele inhoudelijke overwegingen als tekstverkenning

 

Een geboorteverhaal wordt vandaag niet langer gelezen als een beschrijving van een geboortegeschiedenis, maar als een samengebalde inleidende visie op kernpunten uit iemands leven. In dit verhaal gaat het om Jezus van Nazareth in het tegenlicht van koning Herodes en het volk Israël. In dit verhaal is tegelijk de algemene thematiek van de zoektocht van elke mens naar de weg, de waarheid, de bron van leven mede te herkennen. De tocht van de wijzen (magiërs) houdt het thema in van: weggaan, dwalen, zoeken, op (de verkeerde) weg gezet worden, een teken vinden, en verder uitkijken naar een bron, weer op weg gaan… mogelijk geleid door dromen en engelen van… van Godswege?

 

Het verhaal van de wijzen, de magiërs  (geen koningen, maar vreemdelingen uit het oosten) spreekt over de ster in het oosten waardoor ze zich laten leiden naar een pasgeboren kind en koning. Zij hadden ‘gezien’, ze hebben een visie, een visioen…  Ze zien iets, zijn zieners en ze volgen een licht. Een licht dat later een leidsman blijkt te zijn, een herder voor het volk, een door God gezalfde… Ze zijn gekomen om ‘eer’ te bewijzen. Elke zoeker heeft zijn leidmotief, horizon of perspectief. De ster leidt, gidst de zoekers langs belangrijke 'steden' van de levensweg. Elke stad heeft haar rijkdom en armoede, haar licht en haar schaduw, haar zin en onzin. Uiteindelijk kiest elke zoeker zelf waar hij zijn geschenken en geloofsbrieven afgeeft, uit welke bron hij drinkt en zijn drinkbussen vult voor onderweg. Geïnspireerd door… och God, een naamloos pasgeboren kind.

 

Een verhaal over wijzen in het spanningsveld tussen twee koningen. Koning Herodes en de pasgeboren koning de Joden. Herodes, zijn naam betekent ‘de heldhaftige’, is een koning om bij te beven van angst omwille van zijn wreedaardige uitbuiting en onderdrukking. Hij wordt in het verhaal opgevoerd als een (lepe) moordenaar, een kindermoordenaar. Maar, tegelijk met Herodes verschijnen hogepriesters, schriftgeleerden en de bewoners van de hoofdstad Jeruzalem in dat zelfde beeld. Ze worden allen ‘samengeroepen’ (in het hebreeuws klinkt hierbij het woord ‘synagoge’ op). Ze vormen de stad die zich met het woord ‘vrede’ (salem, sjaloom) tooit, maar het tegendeel belichaamt. Heel dat machtige Jeruzalem beeft en is verontrust door de aankondiging van een pasgeboren kind in een nietig dorp als Bethlehem, dat (toepasselijk) ‘huis van het brood’ heet. Dit dorp is de woonplaats van nog andere kleine (bekende bijbelse) mensen en vreemdelingen, zoals: de kleinste van zeven zonen en (maar) een herder, David of de vreemdelinge Ruth, zijn solidaire overgrootmoeder die voor brood, leven en nakomelingschap zorgt na de hongersnood.

 

Pas als de blikrichting van de wijzen in het geboorteverhaal weer de andere kant uitgaat als ze Jeruzalem verlaten, verschijnt hen het licht van de ster opnieuw. Wie wordt er niet verblind door de grootheid van een stad of de macht van koningen. Het sterlicht gaat voor hen uit naar het kleine Bethlehem en naar het pasgeboren kind, het tegenbeeld van macht, een tegenkoning van kwetsbaarheid tegenover militaire macht, zoals David tegenover Goliath. 

 

Tegenover de naderende macht van de koning moeten de wijzen wijken, gewaarschuwd door een engel. Ook het kind en zijn familie moeten vluchten. Door het vluchtthema  komt het land Egypte in beeld. Het land waar zich ooit een gelijkaardig en bekend verhaal afspeelde. Het geredde kind Mozes in een mandje, tegenover de kinderdodende Farao. De geschiedenis herhaalt zich… ook vandaag?
 

1.2. Mogelijke doelen
 

Het oude verhaal van de wijzen uit het oosten vandaag herbeleven en actualiserend (met eigen woorden en gebaren, met elementen uit het eigen leven) herspelen, maakt het mogelijk zich bewust te worden van de betekenis van het verhaal vandaag. Doorheen het spelen van het verhaal in bibliodrama-werkvormen zijn vele soorten doelen mogelijk na te streven. Globaal genomen betracht het spelen van bibliodrama een uitwisseling te bewerken tussen de (oude) bijbelse heilsboodschap en de actuele persoonlijke en maatschappelijke werkelijkheid. Er zijn de algemene doelen van bibliodrama te onderscheiden waarbij de aandacht kan gericht worden op het begrip van de bijbeltekst, op de persoonlijke beleving en levensverdieping, op de maatschappelijke betekenissen en Sitz im Leben, op het leren verstaan van Gods woord of het verkennen van de emotionele, morele en sociale interactievaardigheden bij de spelers. (Zie: J. Agten, E. Herrebosch, K. Verduyn, L. Vervoort. Bibliodrama begeleiden. Wegwijzers voor de praktijk. Antwerpen, Garant, 2007.)

Afhankelijk van de aard en leeftijd van de deelnemers, de eigen doelen van de groep of de vertrouwdheid met het bibliodramaspel, kan de diepgang van het spel en de horizon van de doelen bepaald worden.

 

Daarnaast reiken ook de inhoudelijke elementen uit het gekozen verhaal een wereld van doelen aan die mogelijk in het spel verkend of uitgediept kunnen worden. Hierbij enkele voorbeelden die naar eigen inzicht met nog vele andere doelen  (zie bovenstaande) kunnen uitgebreid worden.

  • Stil staan bij de betekenis van een ster, een richtinggevend licht in je leven.

  • Beleefd en doorvoeld begrip krijgen van: ‘wijzen uit het oosten’.

  • Aandacht geven aan de gevoelde betekenis van: op weg gaan, een ster volgen, een vreemd land betreden, de richting verliezen, raad vragen…

  • Bewust worden van het functioneren van figuren als Herodes, schriftgeleerden, hogepriesters… in het persoonlijke en maatschappelijke leven in het verleden en vandaag.

  • Verkennen van de beelden en de betekenis van de tegenstelling in het koningschap (Herodes- kind). De (on)macht van het pasgeboren kind ervaren tegenover de macht van een koning als Herodes.

  • De verschillende interpretaties van de Schrift als Gods woord doorheen het verhaal begrijpen en doorvoelen.

  • De betekenis van Bethlehem tegenover Jeruzalem inhoudelijk doorleven en in de wereld van vandaag op het spoor komen.

  • Rituelen met betreking tot 'driekoningenvieringen verkennen, verdiepen, verruimen.

1.3. Verantwoording didactiek

 

Door te leren met heel je lichaam, ontwikkel je verschillende aspecten van je zelf: je kennis, je gevoelens en gewaarwordingen, verbeeldingskracht, je overwegingen, wil en verlangens, je vaardigheden, handelingen en houdingen. Er zijn vele wijzen waarop je met heel je lichaam aan het leren kan gaan. Bijvoorbeeld door: spel, drama, dans, knutselen, schilderen, muziek, mime, enz. Het is altijd een uitdaging om een andere leerstijl te verkennen. Kinderen  en jongeren leren niet enkel met het hoofd. Zoveel aspecten van de mens kunnen invalshoeken zijn van waaruit leren ontstaat. Leren vanuit een handeling gebeurt heel anders dan vanuit het denken en het resulteert in heel andere uitkomsten en conclusies.

Als je in beweging komt, dan gebeurt er wat, dan ontstaat verandering. Wat je met je lichaam doet, heeft z’n weerslag op je gevoelswereld en zingeving. Je verkent gedragingen, leert nieuwe houdingen,  oefent andere vaardigheden.

 

Bijbelverhalen verkennen met lijf en leden, met je binnen en buitenkant levert een heel andere begrip en beleving op van de bijbeltekst die je als authentieker en meer eigen beleeft. Door niet alleen van kennis en inzicht uit te gaan kunnen meer kinderen zich aansluiten en invalshoeken vinden om zich nieuwe betekenissen toe te eigenen en vorm te geven in hun leven. Er ontstaat meer betrokkenheid en verbondenheid, het stimuleert de groei van kinderen in diversiteit.

           

2. Werkwijze

 

2.1.De bijbeltekst wordt gelezen

De bijbeltekst wordt voorgelezen door de begeleider of iemand uit de groep deelnemers.

Al naargelang de doelen van het spel kan er voor gekozen worden om aspecten van de tekst van exegetische commentaren te voorzien. Hierbij is feitelijke informatie te verkiezen boven duiding en interpretatie.

 

2.2. Eerste reacties bij de tekst.

Een kort gesprekje om eerste reacties en indrukken bij het horen of lezen van de tekst op te vangen is soms aangewezen. Gevraagd wordt naar wat is opgevallen, wat stoort of wat niet goed begrepen is. Bij onbegrip over tekstfragmenten kan toelichting gegeven worden door de andere deelnemers of de begeleider.

 

2.3. Het stapsgewijze herlezen en interpreteren van de tekst.

Via toelichtingen en een variatie aan speel en belevingswijzen wordt de bijbeltekst verkend.

Gebruik wordt gemaakt van : Afbeeldingen, uitbeelding, verbeelding, (biblio)drama, beweging, inleving, samenspel, zang, kleuring en dans.

Zie: Didactische uitwerking

 

2.4. Uitwisseling na het spel

De uitwisseling vormt een onlosmakelijk deel van het bibliodramaspel. De spelers worden uitgenodigd om aan elkaar te vertellen wat ze doorheen het spel in hun rol beleefd, gevoeld of gedacht hebben wat niet in het spel ter sprake is gekomen.

Daarna wordt hen gevraagd te vertellen welke verbindingen ze ervaren hebben met hun eigen leven, de maatschappij, hun levensvisie, hun geloof…. Gericht op de doelen of het thema van het spel.

De doelen van de uitwisseling: Heb ik tijdens dit spel iets herkend van mijn leven, mijn zoektocht naar richting, wijsheid en waarheid? Wat was mijn grootste hindernis die ik moest overwinnen? Wat was mijn grote ontdekking?

 

2.5. Het lezen van de bijbeltekst

Het bibliodrama wordt afgesloten met het lezen van de bijbeltekst. De gespeelde situaties worden weer in het (tegen)licht van de bijbeltekst geplaatst. Ze worden er respectvol aan teruggegeven. Verleden (de bijbeltekst) en heden (de spelervaringen) worden ter overweging naast elkaar geplaatst. De spelers kunnen nog heel kort op aangeven wat hen in deze laatste fase nog is opgevallen. Zo vertrekt en eindigt bibliodrama bij de bijbeltekst.

 

2.6. Nabespreking

Nadat het bibliodrama afgerond is kan er indien gewenst wat tijd genomen worden om vragen m.b.t. de algemene doelen van bibliodrama, dans e.a. werkvormen of over de aanpak en de effecten ervan te bespreken.

 

3. Didactische uitwerking

 

Het verhaal stap voor stap vertellen en inlevend spelenderwijs verkennen.

Tegelijk enkele betekenissen toelichten bij verhaalelementen en achtergronden

"Toen dan Jezus te Betlehem in Juda geboren was ten tijde van koning Herodes"

3.1. Toelichting  en betekenisgeving:

Jezus: Joshua betekent: Hij (God) die bevrijdt: de verlosser, de bevrijder, redder

Bethlehem: Huis (Beth) van het brood (lehem): Klein dorpje op 10 km van Jeruzalem (vandaag omgeven door 3 vluchelingenkampen

Begraafplaats Rachel(herderin, stammoeder, symboolmoeder die weent om de verloren kinderen van Israël) (zoals de moeders van Bethlehem wenen na de kindermoord). Woonplaats van Ruth ( een vreemdelinge die stammoeder van David wordt) en David )(herder)( jongste zoon) (voorbeeldkoning van Israël) Voorafwijzing: Jezus geboorte wordt in Betlehem gesitueerd. In de lijn van David, koning en herder

 Juda: Betekent: loven en danken. Juda wordt de stamvader waaruit David geboren. Juda is leider van de 12 stammen van Israël. Jezus wordt door Juda(s) (door heel Israël) verraden. Voorafwijzing: De Joodse messiasverwachting, als een vredebrenger uit de stam van David wordt op Jezus geprojecteerd. Begin en einde van Jezus leven wordt met de naam Juda in beeld gebracht.

 Koning Herodes: Herodes werd door de Romeinen tot vazalkoning benoemd om het land te controleren. De aard en de macht van deze koning wordt verbeeld in de kindermoord. Herodes Antipas ( zijn zoon en opvolger) doodt Johannes de Doper en veroordeelt Jezus.

 

3.2. Spelvorm:

Zich inleven in de eigen perceptie van de figuur van Herodes. De houding van een koning, machthebber... aan nemen.

Per twee elkaars houding spiegelen en overnemen. Doorvoelen wat deze houding bij je oproept. Stilstaan bij wat je herkent bij je zelf, bij anderen, inde wereld rondom je. Uitwisselen wat het bij je oproept en wat je bij jezelf ervaart bij het zien van de ander, bij het aannemen van de houding.

 

"kwamen er te Jeruzalem wijzen uit het oosten "

3.3. Toelichting  en betekenisgeving:

Jeruzalem: Stad van Vrede? (Van God). Hoofdstad. Tempel. Hogepriesters en priesterkaste. Schrift geleerden en wetgeleerden.

Wijzen (magiërs) uit het oosten:  Wijzen: wijzen op iets, naar iets, iets wijs. Dragers van wijsheid. Geven levensrichting aan.

Magiër:  expert in magie en waarzeggerij. Uit Perzië en Mesopotamië. Het land van Babel en de Assyriërs = bedreigend.

Er is hier geen sprake van 'koningen' ook geen 3. Het zijn latere associaties van teksten uit psalmen en profeten  (Ps 72,10.15; Js 60,3-10) dat volkeren en hun koningen naar Jeruzalem zullen komen om God te dienen en de koning naar Gods hart geschenken brengen hebben tot de beschrijving van de 'koningen' geleid. Het aantal geschenken bepaalde later hun aantal. En verdere volksverering maakten er drie leeftijdsgroepen van (jongeling, volwassene en ouderling) en ook koningen uit drie continenten (Afrika, Azië en Europa)

 

3.4. Spel met beelden

Fotobeelden van manieren van wijzen (verwijzen, aanwijzen, de weg wijzen…) worden in een cirkel op de grond gelegd.

Zie bijvoorbeeld deze achtergrond foto. Voorbeelden van foto's vind je in deze bijgaande pdf.

 

Spelwijze: Een afbeelding m.b.t. het werkwoord ‘wijzen’ kiezen uit een reeks afbeeldingen. Een afbeelding die je raakt en die mede vanuit de bijbeltekst wordt opgeroepen. Deze vorm van 'wijzen' uitbeelden en door je medespeler in een vorm te kneden, te zetten, te modelleren.

Hoe voelt het om naar je gevormd beeld te kijken. Wat wil je nog bijstellen… Wat drukt het voor je uit. Elk om beurt je gekozen foto vorm geven

en de belevingen uitwisselen.

"en vroegen: “Waar is de (pas)geboren koning der Joden? Want wij hebben zijn ster in het oosten zien opgaan” 

 

3.5. Toelichting  en betekenisgeving:

Pasgeboren koning der Joden:

Vraag: Waarom zoeken de wijzen (magiërs) in Jeruzalem naar de pasgeboren koning?

 Ster zien opgaan (in het oosten): Het verschijnen van een ster als aanduiding van een bijzondere geboorte (koning, held) is een wijd verspreid cultureel fenomeen (Oude Nabije Oosten, Griekenland, Rome). Het opkomen van de ster (Mt 2,2) is een allusie op Nu 24,17 "een ster komt op uit Jakob" en maakt deel uit van de joodse messiaanse verwachting. In bijbelteksten begeleiden natuurverschijnselen dikwijls Gods aanwezigheid. Daarom kan men de ster in dit verhaal opvatten als symbool van goddelijke leiding en verwijzing naar de messias.

 

3.6 Spelvorm: Inlevingsspel: Ik ben een ster. Spelen voor elkaar in groepjes van drie.

Ieder leeft zich in, in de ster die in het oosten gezien wordt. Tracht te doorleven wat voor een ster je bent. (gebruik eventueel een klein attribuut vb. een kleurrijke doek om je sterwijze te accentueren) Neem een houding aan en vertel wat voor een ster je bent. Doe dat in de ik vorm.

Voorbeelden: 'Ik ben een fel licht, de hoop in het donker'. 'Ik ben een wens ster, wie mij ziet mag een wens doen.' 'Ik sta voor iedereen te schijnen maar weinigen zien mij staan.' 'Ik ben een mini-ster, amper zichtbaar, enkel zichtbaar voor mensen met een goed oog.' 'Ik ben gewoon eentje van de zo velen.' 'Ik ben een wegwijzer, het gaat niet om mij, wel om waar ik naar wijs'.

Rustig de tijd nemen om je in te leven en om je ster-zijn uit te spreken. Ieder om beurt neemt een houding aan en spreekt zich uit. Als iedereen aan de beurt is geweest doe je dit nogmaals, met nog meer intensiteit en gedragenheid. Uitwisseling van gedachten en belevingen bij het spelen en bij het toekijken van elkaar. Geen oordelen over de speelwijze. Wel eigen belevingen en associaties bij het gespeelde.

Algemene Werkvorm beschrijving: Rolinleving:  >> Naar Werkvorm Rolinleving

     3. Vervolg Didactische uitwerking      

en zijn gekomen om Hem onze hulde te brengen.”  Toen koning Herodes dit hoorde, werd hij verontrust en heel Jeruzalem met hem.  Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk bijeen en legde hun de vraag voor, waar Christus moest geboren worden.  Zij antwoordden hem: “Te Betlehem in Juda. Zo immers staat er geschreven bij de profeet:  En gij, Betlehem, landstreek van Juda, gij zijt volstrekt niet de geringste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leidsman tevoorschijn treden, die herder zal zijn over mijn volk Israël.”

3.7. Toelichting  en betekenisgeving:

Hem hulde brengen : loven en danken. Verbinden met de gebruiken van het 'driekoningen zingen' waarbij kinderen zich verkleden als de drie wijzen (magiërs, koningen) en met een driekoningenlied langs de deuren gaan. Ze ontvangen in ruil snoepgoed en geld. Het resultaat van een reeks interculturalisatie's van diverse gebruiken, religieuze betekenissen en maatschappelijke situaties: De midwinterzonnewende. De rondgang van de winterman. Het uitwisselen van voedsel. Het bedelen vanuit armoede en hongersnood. Christelijke weldadigheid t.a.v. de armen. Het christelijk geboorteverhaal met de komst van de wijzen…

 

3.8. Spelvorm: Driekoningen zingen. Samen het lied verkennen.

Met één doek zich aankleden als drie wijzen(magiers) (koningen) uit het oosten (in groepjes van drie) (in twee grote groepen naar elkaar toe)

Vanuit de verste hoeken van de ruimte al zingend naar het midden toe komen. De ene groep zingt voor, de andere zingt na.

Waarna die groep op haar beurt voorzingt en de andere na.

Lied: Er kwamen drie koningen met ene ster

 

Er kwamen drie koningen met ene ster,
Er kwamen drie koningen met ene ster,
Zij kwamen van bij en zij kwamen van ver,
Zij kwamen van bij en zij kwamen van ver.

Zij kwamen de hoge berg opgegaan (2x),
Zij vonden de sterre daar stille staan (2x).

Wel sterre, gij moet er zo stille niet staan,
Gij moet met ons naar Bethlehem gaan.

Naar Bethlehem binnen die schone stad,

Waar Maria met haar kindetje zat.

Zij gaven dat kindetje menigvoud,
Van wierook en mirre en rode fijn goud.

https://www.youtube.com/watch?v=1RveKU5qw-8

3.9. Vragen m.b.t. betekenisgeving:

Koning Herodes  werd  verontrust en heel Jeruzalem met hem

Vraag: Waarom is Herodes verontrust en heel Jeruzalem?

Vraag aan Herodes: Wat is je bekommernis? Wat is je plan? Wat ga je met je wetenschap doen?

Vraag aan de bewoners van Bethlehem: Er is hier een kind geboren dat een nieuw koning van de joden zal worden… wat zegt je dit?

Wat betekent het voor je leven nu? Heeft dit kind iets wat een ander kind niet heeft?

Wat roept een pasgeborene in je wakker als beeld van ‘koningschap’?

Hogepriesters en schriftgeleerden : (hoge)priester(s) organiseren de offercultus en controleren de reinheidswetten. Schriftgeleerden zijn kenners van de Schrift, van de Joodse wet, wetsgeleerden en rechters.

Vraag: Aan de schriftgeleerden en de hogepriesters: Welke houding ga je aannemen tegenover de wijsheid van de Schriften?

Wat ga je doen als er inderdaad een nieuwe koning aankomt? Heb je zicht op de plannen van Herodes.

Voorafwijzing: Naar het spanningsveld in Jezus leven met de schriftgeleerden en de priestercultus.

Christus: (Grieks): messias,(Hebreeuws) gezalfde (Nederlands). De verwachte redder, verlosser, bevrijder van het volk

Zo immers staat er geschreven bij de profeet: (Micha):  Bewijsvoering, autoriteit invoegen. Profeten zijn geen voorspellers, wel kritische geesten die het beleid (van de koning) doorlichten, doorzien, aanwijzen wat de gevolgen kunnen zijn…

En gij, Betlehem, landstreek van Juda, gij zijt volstrekt niet de geringste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leidsman tevoorschijn treden, die herder zal zijn over mijn volk Israël.”: Betekenis: Uit het ‘kleine’ komt het ‘grote’ voort, het geringe wordt verheven.

Voorafwijzing: Naar Jezus keuze voor de kleine man, de uitgeslotenen, de geringen…

Voorafwijzing: Naar Jezus intocht in Jeruzalem, zijn ondervraging, aanhouding en veroordeling.

 

3.10. Spelvorm: Geroezemoes

Zich inleven als mensen van Jeruzalem die onder elkaar vertellen hoe ze tegen de toestand aankijken, hoe ze over Herodes denken, over de schriftgeleerden...  en over wat die wijzen (magiers) te vertellen hebben. Met elkaar  fluisterend of declamerend de eigen visie op het gebeuren aan geven. Vertellen als van horen zeggen.

 

3. Vervolg Didactische uitwerking

 

Toen ontbood Herodes in het geheim de wijzen en vroeg hun nauwkeurig naar de tijd waarop de ster verschenen was. Daarop zond hij hen naar Betlehem met de opdracht: “Gaat een zorgvuldig onderzoek instellen naar dat Kind en wanneer gij het gevonden hebt, bericht het mij dan, opdat ook ik het hulde kan gaan brengen.” Na de koning aangehoord te hebben vertrokken zij.

En zie, de ster die zij in het oosten hadden zien opgaan, ging voor hen uit totdat zij boven de plaats waar het kind zich bevond stil bleef staan. 

 

3.11. Toelichting en betekenisgeving

Pas als de blikrichting van de wijzen weer de andere kant uitgaat als ze Herodes en Jeruzalem verlaten, verschijnt hen het licht van de ster opnieuw.

3.12. Creatieve verwerking: Meditatie via kleuren.

Een mandala in stervorm kiezen en inkleuren, met één kleur, die ‘het vervuld zijn van vreugde (opluchting)’ weergeeft bij het hervinden van een lichtpunt, richtpunt in het duister (symbolisch) van het eigen leven. Wie of wat is in je eigen leven, een ster geweest, een richtinggever, een betekenisvol lichtpunt? De tijd nemen om een ster-mandala te kiezen die je aanspreekt. Tijdens het inkleuren trachten de betekenis van zo'n ster voor jezelf te voelen. Per twee de eigen betekenissen die uit deze meditatieve inkleuring zijn ontstaan aan elkaar uitwisselen.

Beeld: Mandala’s in stervorm. Zwart-wit afbeeldingen van een diversiteit aan ster-mandala’s.

 

"Zij gingen het huis binnen, zagen er het kind met zijn moeder Maria"

3.13. Spelvorm: Rolinleving:  Algemene Werkvorm beschrijving: Rolinleving:  >> Naar Werkvorm Rolinleving

 

Zich inleven in de figuur van Maria, Jozef, het kind Jezus. Vanuit zichzelf vertellen over de eigen leefsituatie aan de hand van hierboven gestelde vragen. Vraag: Aan Maria, (Jozef), het kind in Bethlehem: Hoe is het hier? Voel je je geborgen bij de mensen? Wat betekent het in deze situatie een kind te krijgen? Heb je vertrouwen in het leven, in je toekomst, in de toekomst van dat kind? Hoe stel je je het leven van jullie kind voor? Hoe wil je het beschermen tegen alle lijden en pijn die de onderdrukking veroorzaakt? Droom je soms van een andere koning? Hoe moet die er dan uitzien? Hoe voelt het om deze wijzen (magiërs) over de vloer te krijgen?

 

"en op hun knieën neer vallend betuigden zij het hun hulde."

 

3.14. Spelvorm: Rolinleving aan de hand van driekoningenbeelden uit de kerststal

 Bij dit bibliodrama wordt gebruik gemaakt van kerststalbeeldjes van de drie wijzen (magiërs)( koningen) uit diverse landen wereldwijd. Er kan ook gewerkt worden met afbeeldingen daarvan. Afbeeldingen van de drie wijzen uit de oude en hedendaagse kunst.

Kies een beeld van een wijze uit. Neem de houding van het beeld zo getrouw mogelijk over. Doorvoel via introspectie wat dit met je doet.

Welke gedachten, belevingen herinneringen… komen in je op. Leef je in in de rol van wijze, magiër koning.

Spreek één zin uit die daar iets van weergeeft. Ik voel, ik denk….

Je kan gebruikmaken van voorbeelden in het bijhorend pdf.

 

"Zij openden hun kistjes met kostbaarheden en boden het kind geschenken aan: goud, wierook en mirre."

 

3.15. Toelichting en betekenisgeving: 

Goud, wierook en mirre waren zowat de kostbaarste geschenken die er destijds te vinden waren.  De geschenken hebben ook een symbolische waarde: goud zou Jezus' koningschap symboliseren; wierook symboliseert de goddelijkheid van Jezus en mirre verwijst naar Jezus' lijden en sterven of naar zijn latere naamgeving als Gezalfde (Christus). Mirre is gemaakt van de hars van de Commiphoraplant. Zeer kostbaar. Heeft genezende werking. Wordt gebruikt als parfum en bij balseming. Olie bij de zalving van Joodse koningen.

Voorafwijzing: Naar Jezus latere eretitels: Koning der Joden, Zoon van God. Lijdende dienaar en Gezalfde (Christus).

 

3.16. Spelvorm: Rolinleving 

Zich inleven in de rol van een wijze (magiër) En een zelfgekozen geschenk aanbieden.

Met een doek of een ander voorwerp een geschenk verbeelden. Een houding aannemen die daarbij past. Iets zeggen over wat wordt aangeboden.

Variatie: De helft van de groep speelt een wijze met een geschenk. De andere groep speelt de rol van Maria die het geschenk ontvangt.

De wijze vertelt iets over het geschenk. Maria zegt iets over wat dit voor haar kan betekenen.

 

"En in een droom van Godswege gewaarschuwd niet meer naar Herodes terug te keren, vertrokken zij langs een andere weg naar hun land."

 

3.17. Spelvorm: Dans. Spiraaldans.

Betekenisgeving van de dans.

Op symbolische wijze wordt deze dansvorm de zoektocht van de mens naar het wezenlijke, het heilige, de diepte, de kern der dingen tot uitdrukking gebracht. Door in een spiraalbeweging met de groep dansers langzaam naar het middelpunt te dansen in een omcirkelende beweging, kunnen de dansers het onderweg zijn naar het centrum, de eigen zoektocht of queeste uitbeeldend ervaren. In steeds kleiner wordende omcirkelingen komt de ontmoeting met het centrum steeds dichterbij. Net als bij een labyrint is de ervaring van het onderweg zijn naar de kern van het leven dat centraal staat. Het verlangen voelen, de spanning ervaren, het uitkijken naar het korte moment van ‘ontmoeting’ met het ‘heilige, helende…’ Eenmaal  bij het middelpunt gekomen, dat gesymboliseerd wordt  door een brandende kaars, een mooie steen, een ruiker bloemen, een mandala, een kruis… of een andere beeldende uitdrukking van het centrum van leven. Na het bereiken van, het midden, komt er een wende. De eerste danser draait  zich na de ontmoeting met het heilige, het centrum, het middenpunt en de lange rij dansers kronkelt zich spiraalvormig weer naar buiten toe. De spiraal naar binnen wordt zo een spiraal naar buiten. De ervaring in de ontmoeting met het heilige wordt nu naar buiten gedragen. Als dansers wordt je toewending naar binnen nu opengetrokken in een beweging naar buiten. Door de danshouding bij het naar buiten dansen wordt elke danser opengetrokken. Hij of zij wordt uitgenodigd om wat er in de ontmoeting in het centrum beleefd is , mee te dragen naar buiten. De dansers dragen die ervaring eerst nog tussen de dansers door die nog naar binnen dansen later in de vrije ontmoeting met de wereld om hen heen. Het naar buiten komen van de mensen die zich weer op de buitenwereld richten en hun ontmoeting met het centrum met de wereld delen.

Hier wordt de tocht der wijzen in het licht van de ster naar het kind Jezus gesymboliseerd. En de terugtocht na de ontmoeting vanuit Bethlehem naar hun land. Vraag aan de dansers om mee te nemen tijdens de dans in de rol van 'wijzen': Is je tocht de moeite waard geweest en waarom? Wat laat je hier achter aan geschenken? Wat betekent dat voor je? En voor het kind? Keer je terug langs Jeruzalem om het de bevolking te vertellen? Waarom wel of niet?

 

Danspassen:

De dansers geven elkaar de hand. De rechterhand is open naar boven gericht en ontvangt de linkerhand van de voorgaande danser. Laat de handen losjes hangen naast het lichaam. Wees je bewust van je voorganger en van degene die je meeneemt en die jou volgt.

Keer je lichaam een beetje naar rechts, in dansrichting, een beetje ook naar het midden.

Zet 4 stappen voorwaarts Rechts, Links, Rechts, Links.

Spring met de rechtervoer schuin vooruit, schuin naar het midden (links) en veer op het rechterbeen.

Zet een stap met het linkerbeen naar achteren en veer op het linkerbeen.

Dan weer van vooraf aan vier stappen vooruit. En zo voort. Spring en veer op rechtervoet, stap achterwaarts en veer op links....

 

Muziek :

Driekoningenlied :  A la Berline Postiljon. Herman van Veen en kinderkoor.

https://www.youtube.com/watch?v=85DRkWLbl80

3.18. Uitwisseling van ervaringen bij het spel.

In kleine groepen of in grotere groep ervaringen uitwisselen en verbindingen met het eigen leven en het maatschappelijke leven associëren.

 

Meer informatie over 'Uitwisseling': >> Naar Bibliodrama begeleiden: Uitwisseling