THEMA'S

 

De bijbel roept ten dans.

Bij wezenlijke momenten wordt er gedanst in de bijbel. 

Mirjam, de zuster van Aäron neemt haar tamboerijn en gaat de andere vrouwen dansend, spelend en zingend vooraf,

bij de bevrijding uit Egypte en de doortocht door de Rietzee in het Exodusverhaal. (Ex. 15,20-21)

David en alle Israëlieten dansen voor de ark, voor JHWH uit (2Sam.6,5) 

'Looft de Heer met beltrom en rondedans' zingt de psalmist (Ps150,4-6)

De profeet Maleachi kondigt  aan 'op de dag van Jah­weh zal de zon van gerechtigheid opgaan

en met haar vleugels genezing brengen,

die dag zult gij dansend naar buiten komen...' (Maleachi 3,20)

bijbelverhalen en Levensdansen

Bibliodrama beleven doorheen betekenisvolle dansen.

Al dansend betekenissen van bijbelverhalen beleven.

Bijbels houdingen en handelingen al dansend verkennen, doorleven, toe-eigenen...

Andere betekenissen in je leven voelen openkomen, nieuwe inspiraties vinden in jezelf, in de bijbel, in de dans.

Samen dansen en wederzijdse betrokkenheid ervaren en dit met elkaar delen.

Zich lichamelijk en geestelijk openstellen voor een helende, genadevolle, zich openbarende werkelijkheid

 

Wat vindt je hier onder?

 

* Werkwijze bij Bijbel en Dans

* Lichtdansen bij bijbelcitaten over licht en bij lichtfeesten van Halloween tot Lichtmis

* Bijbelverhalen met een dans. Dansen met een bijbeltekst

* Didactische wegwijzers bij het aanleren van dansen bij kinderen, jongeren, volwassenen

 

Werkwijze bij Bijbel & Dans
 
De opbouw 
1. De doelen en de (onderstaande) werkwijze toelichten.
2. De bijbeltekst voorlezen. Eerste reacties inzamelen.
3. De betekenis van het 'dansen' bij het verkennen en doorleven van een bijbeltekst toelichten.
4. De betekenis van de gekozen dans toelichten in relatie tot de bijbeltekst.
5. De dansstappen en danshoudingen stapsgewijze voordoen en de inhoudelijke betekenissen toelichten.
6.De dansbewegingen als geheel samen nadoen tot iedereen ze voldoende eigen kan maken (nog zonder muziek)
7. De bijbeltekst bij aanvang van de dans nogmaals voorlezen, eventueel de linken met de dansbewegingen nog even aangeven.
8. De aandacht vestigen op het lichamelijk doorvoelen en het geestelijk, bezield doorleven van de dans.
9. De dans op muziek samen dansend beleven. Even stilte aanhouden na de dans
10. De opgekomen eerste belevingen bij de dans uitwisselen aan elkaar.
11. De onderliggende levenservaringen in verbinding met de bijbeltekst en de dansbelevingen uitwisselen en toelichten.
De voorbereiding
Voorafgaand aan de uitvoering veronderstelt deze aanpak een grondige voorbereiding door de begeleider.
1. De eigen bijdrage van het dansen voor het betekenis geven/ontvangen van bijbelverhalen eigen maken
2. De gehanteerde bijbeltekst doorgronden en in relatie brengen met de symbolische betekenislijnen van de dans.
3. Zich de dansbewegingen heel goed eigen maken.
4. Het aanleren van de dans didactisch overdenken (stap voor stap, aandachtspunten, aanpassing aan deelnemers, inhouden...)
5. Eigen enthousiaste uitstraling eigen maken en een positief motiverende ingesteldheid aannemen.
6. Zich voorbereiden op mogelijke weerstanden of onbegrip, op onwennigheid en storend gedrag... en hoe daar positief mee om te gaan.
7. Vraagstelling overdenken bij de uitwisseling van ervaringen na de dans: eerste belevingen en mogelijke storingen daarbij, associaties bij het dansen, betekenisgevingen bij gevoelens en gewaarwordingen, belevingen verbonden met de bijbeltekst, inzichten in de bijbeltekst, levenservaringen die opkomen, herinnerd worden, inspiraties en oriëntaties die ervaren worden, ervaringen van heling, bevrijding verbinding met het mens overstijgende...
8. De 'Didactische Aandachtspunten' onderaan deze webpagina kunnen een bijkomende hulp zijn.

Lichtdansen

die dag zult gij dansend naar buiten komen...' (Maleachi 3,20)

Het volk dat ronddwaalt in het donker, ziet een helder licht. 

Over hen die wonen in een land vol duisternis, gaat een stralend licht op. Jesaja 9, 1

Dan breekt uw licht als de dageraad door en groeien uw wonden spoedig dicht;

dan gaat uw gerechtigheid voor u uit. Jesaja 58, 8

Uw woord is een lamp voor mijn voeten, uw woord is een licht op mijn weg. Psalmen 119, 105

 

Onderstaande lichtdansen zijn uitermate geschikt om te dansen in de wintertijd en in de adventsperiode.

Als begeleider deze dansen goed verkennen, inoefenen, eigen maken.

De didactische aandachtspunten bij het dansen (zie helemaal onderaan) kunnen bij de voorbereiding een grote hulp zijn

Betekenissen van de dans met mate toelichten, aandacht geven aan de belevingen tijdens de dans.

De bijbelcitaten ter sprake brengen en ter overweging meegeven in de dans.

Belevingen: gedachten, gevoelens, verbeeldingen en gewaarwordingen aan elkaar vertellen na de dans

Bijbelse betekenissen die zijn opgeweld, verkend, gevoeld... tijdens de dans uitspreken en toelichten.

Verbinding maken met lichtfeesten uit de christelijke cultuur (St Maarten, Advent , Kerst.. ) en uit andere culturen (Halloween, Divali, Chanoeka...)

Deze onderstaande dansen vormgeven in bovenstaand concept van opbouw: zie: Werkwijze bij Bijbel & Dans.

 

1. Spiraaldans. Een spiraal van licht

 

Betekenisgeving

 

Deze dans verbeeldt de zonnewende, de kering van de zon. Het sluit aan bij het levensgevoel in de donkere periode van de winter waarbij de koude en de duisternis het lijkt te winnen van de warmte en het licht. We drukken daarbij de hoop en het verlangen naar meer licht en leven uit. In realiteit beginnen de dagen te lengen, het verminderende licht komt op een keerpunt, het herwint aan kracht. Op symbolische wijze wordt dit in de dansvorm tot uitdrukking gebracht, door in een spiraalbeweging met de groep langzaam naar het middelpunt, waar een kaars licht geeft, toe te cirkelen. De terug stap symboliseert dat de mens op zijn levensweg soms een stap terug moet zetten, of dat men achteruit wordt gemanoeuvreerd. Om dan toch weer door te zetten. In steeds kleiner wordende omcirkelingen wordt het afnemen van het zonlicht aangegeven. Dicht bij het middelpunt, het licht gekomen, komt er een wende. De eerste danser draait zich en de lange rij dansers kronkelt zich spiraalvormig weer naar buiten toe. De spiraalbeweging wordt weer groter en symboliseert het toenemende licht en het naar buiten komen van de mensen die zich weer op de buitenwereld richten.

In christelijk perspectief kan het ook de zoektocht naar Jezus als symbolische lichtbrenger aanduiden zoals de drie wijzen op zoek zijn naar het licht, ze volgen een ster, zoals ook de herders zich naar een pasgeboren kind begeven. Na zich gelaafd te hebben aan de lichtbron van het leven begeven ze zich weer de wijde wereld in.

Men kan dan tezamen met een grote kaars ook het Jezuskind in een kribbe in het midden plaatsen, waardoor men zich laat belichten en men het licht weer naar buiten draagt.

Verder kan men verbinding maken met bovenstaande bijbelcitaten, met de advents en kerstperiode, met de centrumverhalen van het hindoeïstische Divalifeest en het Joodse Chanoeka.

 

Dansbeschrijving

Deze dans is een reidans en wordt voorgegaan door de begeleid(st)er. Alle dansers staan op een rij en geven elkaar de hand. De dansrij staat lichtjes gebogen en symboliseert een deel van de grote zonnecirkel. De rech­terhand wordt door de begeleid(st)er op schouderhoogte opengehouden met de palm naar boven. De linkerhand wordt gelegd in de rechter­hand van de danser die volgt. Deze ontvangt en draagt de linkerhand van de voorganger en geeft de linkerhand door aan degene die na komt. De open rechterhand van de voordanser is er boven het hoofd geheven en is ontvankelijk voor het goddelijke licht dat doorheen het lichaam naar de linker­hand stroomt. De vastgehouden han­den hangen losjes naar beneden en kunnen lichtjes heen en weer bengelen op het ritme van de muziek. De laatste van de rij houdt de vrije linkerhand schuin naar bene­den, de handpalm naar de aarde gericht. De dansers kijken schuin vooruit in de dansrichting.

De danspas vertrekt met drie passen voorwaarts (rechts, links, rechts) Steunend op rechts stopt men de vooruitgaande beweging (de linkervoet die nog achter is komt net los van de grond) en stapt men weer achteruit steunend op de linkervoet die weer wordt neergezet. Men leunt achteruit op de linkervoet terwijl de rechtervoet die nog voorstaat lichtjes los komt van de grond. Dan volgen weer drie gewone looppassen voorwaarts. Te beginnen met de rechtervoet die wordt neerge­zet, gevolgd door links en weer rechts. Dan wordt de stap achteruit weer herhaald. Eenvoudig en beknopt: Rechts voor, links voor, rechts voor, balanceer, links­achter, balanceer en opnieuw rechts voor. In schema: Rv Lv Rv La Rv. De danspas wordt maar echt dans als deze passen niet stijf en stram maar lichtvoetig en zachtjes lopend worden gezet. De terug stap gebeurt dan lichtjes verend vooruit en achteruit of zachtjes opspringend bij dynamischere melodietjes.

De begeleid(st)er in de dans loopt in danspas met de hele sliert dansers achter haar aan. Dat gebeurt zachtjes ingetogen en in stilte. Het blikveld is meer naar binnen gericht. Men loopt in steeds kleiner wordende cirkels naar het midden van de ruimte waar een mooie brandende kaars het licht aangeeft. De lange sliert draait meer en meer in elkaar zodat er steeds kleiner wordende binnencirkels ontstaan. Daardoor wordt de spiraal steeds kleiner en symboliseert het afnemende zonlicht. De dansers komen meer samen en zoeken de warmte op bij het licht en bij elkaar. Eenmaal dicht bij het midden aangekomen komt er een wende zoals bij de zon. In plaats van kleiner te worden gaat het zonnelicht weer groeien. De voorgangster neemt een scherpe bocht, weg van het centrum. De spiraal beweging begint nu in omgekeerde richting te werken. Terwijl de rest van de sliert dansers zich nog naar het centrum beweegt, draait de kop van de rij zich al naar buiten tussen de naar binnen draaiende dansers door. De cirkelbeweging naar buiten wordt groter. Het blikveld van de dansers is naar buiten gericht, het lichaam komt meer open op de wereld.

Het licht wordt mee naar buiten gedragen. Om mee te delen aan de wereld rondom.

Heel jonge kinderen kan je best, los van elkaar, achter elkaar aan laten stappen. Soms is het aan te raden om een spiraal op de grond te tekenen waar ze kunnen op stappen. 

Spiraaldans in beeld

Hoe een (andere) spiraaldans verloopt kan je zien op https://www.youtube.com/watch?v=DgScQymHlXM

Muziek : Naar keuze kan je deze dans dansen op diverse soorten muziek. 

Instrumentale kerstmuziek: https://www.youtube.com/watch?v=hP77U02BAaE   meditatief

Goria in excelsis deo: https://www.youtube.com/watch?v=2SmPkkk7Ts0   levendig

Midden in de winternacht: https://www.youtube.com/watch?v=lOyEmKJozc0  naar keuze met een trage stap  of een iets snellere 

Kleine trommelaar: https://www.youtube.com/watch?v=NKhsf6UkcHE  gedragen, licht versnellend

Danse de l’ourse. https://www.youtube.com/watch?v=MOTaFJnuLys   https://www.youtube.com/watch?v=3cvii0288S8   levendige dans

 

2. Zonnedans:  Adventskrans in beweging

 

Betekenisgeving

De dansers vormen hand in hand een gesloten cirkel. Een cirkel van ontvangen en doorgeven. De cirkel verwijst naar de zon, het licht. Zo wordt het licht, het zonlicht, elkaars lichtende aanwezigheid, iets van het goddelijke licht ontvangen op een eigen manier verwerkt en weer aan elkaar doorgeven. De adventskrans is een verchristelijking van het zonnesymbool dat de komst van licht en leven aangeeft. De kaarsen die stelselmatig worden aangestoken geven de verwachting naar meer licht en naar de geboorte van de lichtbrenger aan. Het dennengroen verwijst naar nieuw beginnend leven, naar groeikracht en vrucht­baarheid. De rode linten in de adventskrans symboliseren de levensgloed, de rode kleur van het bloed, van het hart van de mens en de liefde. Wanneer we een lang rood en groen lint in de rechterhand van elk kind leggen dan kan ook deze symbo­liek meegedragen worden in de dans. Dat kunnen losse linten voor elk kind afzonder­lijk zijn. Het kan ook één ononderbroken lint zijn dat van hand tot hand de cirkel rondloopt. Elk kind in de cirkel symboliseert ook een zonnestraal, elkeen is hier evenwaardig en eigenaardig tegelijk. De cirkel drukt de gemeenzaamheid uit en verwijst naar de kosmos, naar het heel-al, het 'al'  dat een ge'heel' wordt. De dans beweegt zich naar binnen en naar buiten wat de (het) stralen van de zon verbeeld. Tegelijk ook het kleiner en het groter worden van de zon tezamen met het naar binnen en naar buiten keren van de mens. De dansbeweging verloopt rechtsom en beschrijft de hele cirkel. In het midden van de cirkel wordt een adventskrans met de brandende kaarsen geplaatst.

Wanneer die bewegingen vlot en vloeiend gekend zijn door heel de groep ontstaat er ruimte voor de meditatieve en bezinnende werking van de dans. Deze dans kan na enige tijd zonder veel moeite met de ogen dicht gedanst worden. De dans roept de betrokkenheid op tussen enerzijds het grote zonlicht en het daarin gesymboliseerde goddelijke licht en anderzijds het eigen innerlijke licht van de mens waarvan ook de christelijke mystici spraken'. Al dansend trachten we voeling te krijgen met 'het licht van boven' dat zichtbaar-onzichtbaar, als een zon achter de wolken, aanwezig is en dat (mogelijk) ons eigen innerlijke licht kan verster­ken. H. Oosterhuis zingt het ons voor:

'Licht dat ons aanstoot in de morgen, voortijdig licht waarin  wij staan. Koud één voor één en ongeborgen, licht overdek mij vuur mij aan. Dat ik niet uitval dat wij allen, zo zwaar en droevig als wij zijn. Niet uit elkaars genade vallen en doelloos en onvindbaar zijn... Aanhoudend licht dat overwint, vaderlijk licht, steevaste schou­der, draag mij, ik ben jouw kijkend kind. Licht, kind in mij, kijk uit mijn ogen of ergens al de waarheid daagt... Alles zal zwichten en verwaaien wat op het licht niet is geijkt... Licht, laatste woord van Hem die leeft.'

 

Dansbeschrijving

Men vormt en kring met het gezicht naar het midden gekeerd. Bij deze dans houdt men elkaar handen vast op de zelfde wijze als bij de spiraaldans. Men begint met de linkervoet en zet één stap voorwaarts naar het midden van de kring toe. De rechter­voet wordt daarna naast de linkervoet bijgezet en onmiddellijk in een vloeiende beweging naar rechts opzij gezet en linkervoet wordt ernaast bijgetrokken. De rechtervoet wordt nu naar achter gebracht en met de linkervoet zetten we nog een stap verder naar achter. Daarna bewegen we ons lichaam naar voor en naar achter zodat we zachtjes verend ons steunen op de rechtervoet, die voorstaat, terwijl we naar voor bewegen, daarna achteruit steunend op de linkervoet, die achter staat. Dan stappen we weer naar voor in de richting van het midden van de cirkel. Steu­nend eerst op de rechtervoet, die nog voor staat en daarna op de linker die nu naar voor gebracht wordt. Dan wordt de rechtervoet weer bijgetrokken en rechts opzij gezet in een vloeiende beweging en zijn we weer aan het begin en zo kunnen we deze beweging constant herhalen.

Beknopt weergegeven gaat het als volgt: Links voor, rechts bijsluit-opzij, links bijsluit, rechts achter, links achter, balanceer op rechts en balanceer naar achter op links, op rechts, en dan weer van vooraf aan opnieuw, links voor, rechts bijsluit opzij...

 

Danspassen in beeld:

https://www.youtube.com/watch?v=e_oQCu4LoUs

Muziek:

J. S. Bach: Cantata Nº 208, 'Sheep May Safely Graze', http://www.youtube.com/watch?v=ZIUCRXMM4pE

3. Dragers van het licht

 

Betekenisgeving

In deze dans wil men stilstaan bij het eigen innerlijke licht dat we bij ons dragen. Dat we vooruit dragen en waar we durven voor uit komen. Daarvoor zijn me mekaar een steun in de rug, een vertrouwvolle hand op de schouder. Het licht dat we in ons dragen durven we aan elkaar laten zien. We kunnen mekaar in de ogen kijken. Dat eigen licht moet soms beschermd worden. Tegen wind en ontij. Dat doen we door het bedreigende de rug toe te keren. Niet om op de vlucht te gaan, maar wel om met de rug de bedreiging weg te duwen terwijl we ons eigen licht veilig stellen. We laten niet alleen het eigen licht zien, we bieden het ook aan anderen aan. Al gaande in de cirkel van het licht stappen we de weg van het leven. Worden we aanhangers van de weg, zoals de eerste christenen werden genoemd. Met Kerstmis het licht ontvangen uit de handen van een kind. Dat licht verlicht en belicht de weg die we gaan.

Je kan de dans mede doorleven vanuit onderstaande bijbelteksten naast de bijbelcitaten aan het begin.

Zorg er dus voor dat het licht in je geen duisternis wordt. Als je hele lichaam verlicht is en nergens duister, dan zal het helemaal verlicht zijn, alsof de lamp je met zijn schijnsel verlicht.  Lucas 11, 33- 36.

Dan zal het met het koninkrijk der hemelen gaan als met tien meisjes, die met hun lampen op weg gingen, de bruidegom tegemoet. Mattheus 25,1

 

Dansbeschrijving

In deze dans dragen de dansers een lichtje bij zich. Een theelichtje in een potje van glas of plastic. Men kan in klei ook zelf potjes maken. De lichtjes worden aangesto­ken aan een centrale kaars in het midden van de kring. Die kaars symboliseert het zonnelicht, het goddelijke licht. De kleine lichtjes symboliseren het eigen innerlijke licht. Men draagt de lichtjes op de open linkerhand dicht tegen het eigen lichaam ter hoogte van de navel. De dansers staan in een kring met het aangezicht naar het midden. Om de dans te beginnen draaien ze zich een kleine kwartdraai naar rechts en leggen de rechterhand op de linker schouder van hun voorganger. De dans vat aan met vier stappen vooruit. Men begint met de rechter voet. Dus rechts, links, rechts, links. Daarna laat men de voorganger los en zet met twee passen (rechts, links) naar het midden van de cirkel toe terwijl men de beide handen (met in de linkerhand het lichtje) naast elkaar en open voor het lichaam houdt. Men laat aan elkaar het eigen licht zien. Daarna zet men twee stappen achteruit (rechts, links) zodat men weer in de oorspronkelijke positie staat. Dan gaat men weer vier stappen naar rechts verder de cirkel beschrij­vend, maar in plaats van vooruit te gaan, zet men die vier stappen achterwaarts (rechts, links, rechts, links) terwijl men de rechterhand als een bescherming boven het lichtje houdt. Men blijft dus in dezelfde richting lopen maar dan achteruit. Dan weer twee stappen naar het midden van de cirkel toe (rechts, links) waarbij men met beide handen open naar de anderen toe strekt. Men biedt de anderen het licht aan. Men zet twee stappen weer terug (rechts, links) en draait een kwartdraai naar rechts. Dan gaat het weer van vooraf aan met vier stappen voorwaarts met de rechterhand op de schouder van de voorganger en het lichtje in de linker ter hoogte van de navel.

Muziek

'Fairy tale' uit de cd The Celts van Enya.

http://www.youtube.com/watch?v=54XztbNJ87g

http://www.youtube.com/watch?v=Lr5KHHwk4UE

4. Lichtdans Blessing Nigun  

 

Betekenisgeving

De dans is uitgetekend op een joods-chassidische melodie (nigun) en is bekend onder de naam ‘Blessed Nigun’: gezegende melodie.

In deze lichtdans wordt het licht (een kaars, theelichtje…)meegedragen. Het symboliseert het eigen licht, het licht dat we voor ogen houden het goddelijke licht, waar we naar toe trekken, zoals ook de dansrichting (tegen wijzerzin, naar het ochtendlicht toe) aangeeft. De dansers ondersteunen elkaars onderweg zijn met en naar het licht, met de hand op de schouder. Ook elkaars licht dragen wordt ondersteund in de verder dans. De toewending naar het midden (het centrum, het wezenlijke, het heilige, het goddelijke) dat verbind, en de toewending naar elkaar. Het gezamenlijke wiegen drukt die verbondenheid uit. Het naar het midden en naar elkaar toestappen versterkt dit. 

Als danser lichtdrager worden: “Jullie zijn het licht in deze wereld”(Mt 5:14) "Er moet licht schijnen in het donker. En er kwam licht. God zag hoe goed het licht was.” (Gen 1:3-4).

 

Dansbeschrijving

De dansers staan in een kring. Ze dragen in de linkerhand een glazenpotje met een theelichtje. De arm is licht gebogen en naar het midden van de cirkel gewend. De rechterhand rust op de schouder van de voorganger.

De dans begint vanuit de rechtervoet op de danscirkel, 4 stappen voorwaarts (R. L. R. L.). Gevolgd door  tweemaal  wiegen (R.L.R.L.). Het aangezicht nog in de dansrichting.

In vier stappen draaien naar het midden toe, elkaars schouder loslaten en de rechterhand nu met zachtheid plaatsen onder de linkerhand met het lichtje van de voorganger, die het (mede door de draaiing) mee op (of net voor) de danscirkel brengt. Gevolgd door het 2x wiegen. (R.L.R.L.)

In vier kleine stappen naar elkaar en naar het midden toe stappen. Gevolgd door het 2x wiegen. (R.L.R.L.)

In vier stappen achterwaarts tot op de danscirkel. Ondertussen de rechterhand terug op de schouder van de voorganger leggen. Tweemaal wiegen in deze positie. (R.L.R.L.)

Dan herbegint de dans van vooraf aan.

Eindigen met kleine stappen naar het midden en het heffen van de handen met het licht tot boven het hoofd.

 

Muziek en danspassen in beeld

https://www.youtube.com/watch?v=nVh2uXzZfU0

 

Muziek

The blessing nigun: Giora Feidman: https://www.youtube.com/watch?v=308L8_p2Tvs

IMG_0248.JPG
85bd7c8d71a2dfa3a7e79da85b4dfbd1_edited_

dansen bij bijbelteksten

1. Dans bij Psalm 127

Cum Dederit   

Choreografie: Friedel Kloke-Eibl

 

Betekenisgeving

Het lied zingt een fragment uit de bijbelse Psalm 127.

“Cum dederit dilectis suis somnum: ecce haereditas Domini, filii: merces, fructus ventris »

"Hij verleent rust aan hen die hij liefheeft en beloont hen met vruchtbaarheid."

De dans drukt de genade uit die mensen toevalt als ze met liefde bejegend worden en de verbinding die ze ervaren met de gever, de kosmos, de grote Gever.  De verbinding met het heelal, de goddelijke werkelijkheid die hen omvat, wordt door de dansers met de armen uitgebeeld en met zich meedragen, vorm gegeven in de verbinding met elkaar.

Dansbeschrijving

De dans is meditatief van aard en de bewegingen verlopen traag en sterk betrokken.

De dansers staan in een cirkel naar het midden gericht, niet verbonden.

Vier trage stappen naar het midden Rechts Links Rechts Links en weer terug achterwaarts R. achter L. achter R. achter L. achter.

Op de danscirkel, in stilstand, met de rechter arm een wijde boog maken naar links, de arm voor het lichaam door, boven het hoofd en weer naar beneden tot op schouderhoogte, de hand open, naar boven gehouden.

Vier stappen naar rechts op de danscirkel (tegen wijzerzin): Rechts en Links en de volgende Rechtervoet vooruit, dwars zetten op de danscirkel en de Linkervoet ernaast.

Met het lichaam naar het midden gericht, de linkerarm in een wijde boog voor het lichaam naar boven heffen boven het hoofd en uitgestrekt laten neerkomen tot op schouderhoogte, de hand open naar boven. ( lichaam staat in kruisvorm)

Vier stappen naar links, start met Links en Rechts (in wijzerzin), de derde stap met Links wordt dwars op de danscirkel gezel en de Rechtervoet sluit aan bij de linker. Het lichaam wordt in kruisvorm gehouden.

Stilstaan naar het midden gericht de armen langzaam laten zakken en de handen verbinden met de naaste dansers. Vier stappen naar het midden en weer achterwaarts vier stappen terug tot op de danslijn. Stilstaand met de beide armen tegelijk de wijde armbewegingen maken voor het lichaam door (de rechterarm naar links en de linkerarm naar rechts) tot boven het hoofd en weer terug helemaal tot beneden.

De dans herhaalt zich telkens van begin of aan.

 

Variatie:  Met de handen ‘verbonden’ naar het midden gaan in vier stappen. Stilstaand traag de handen ontvangend heffen voor de borst, de twee handpalmen op elkaar leggen  alsof ze iets waardevols ontvangen en meedragen. De rechterhand (die afschermt) ligt boven op de linkerhand (die draagt). In het midden stilstaan. De rechterhand langzaam naar boven uitsteken ook de vingers naar boven uitgestrekt, boven het hoofd. De linkerhand doet hetzelfde maar naar beneden. Dan de armen langzaam wentelen als wieken van een molen De rechterarm rechts naar beneden voor het lichaam van de rechtse danser, de linkerarm naar links omhoog voor het lichaam van de linkse danser. De handen van de dansers verderop verbinden zich. Daarna achterwaarts stappen en de handen zachtjes uit elkaar laten glijden. Op de danscirkel stilstaan en de beweging van het midden herhalen: de handen vanaf borsthoogte, rechts naar boven en links naar beneden strekken.

 

Danspassen in beeld

https://www.youtube.com/watch?v=M4dy_Q5dKBI&list=RDRL4UdOYF7uU&index=10

 

Muziek: Cum Dederit - Nisi Dominus – Antonio Vivaldi

https://www.youtube.com/watch?v=9_ojaiE3txg 5 min.

https://www.facebook.com/watch/?v=506885833377375 5.20 min

https://www.youtube.com/watch?v=TeUeIS14xlE 3.20 min

2. Tzadik Katamar   Psalm 92, 13:

De gang van de levensweg. Rechtvaardig als een palmboom

 

Betekenisgeving

Deze dans is een traditionele Chassidische cirkeldans uit Israel. Soms wordt deze dans ‘wuivende palmen’ genoemd omwille van de wiegende bewegingen tijdens de dans en het zwaaien met de armen. Letterlijk betekent de titel ‘Juist (rechtvaardig) als een palmboom’. De dans is gebaseerd op een bijbeltekst, Ps. 92, 13: ‘De rechtvaardigen groeien op als een palmboom, als een ceder van de Libanon rijzen zij omhoog’. Het verhaal achter deze dans vertelt dat God een palmboom in het midden van het paradijs plaatste om aan de mens te laten zien dat je op twee manieren de ‘Tzadik Katamar’ kan bereiken: op de manier van de domme, dwaze mens, of op de manier van de wijze… De weg van de wijze mens (in ps. 92 ook de rechtvaardige) is eenvoudig: stapsgewijs maar onmiskenbaar vooruit, handen geopend om te krijgen wat het leven hem aanreikt en om dat ook door te geven, zoekend naar evenwicht af en toe… De weg van de dwaze mens (in ps. 92 ook de onrechtvaardige, de wetteloze) is veel complexer, een kronkelweg met veel bochten, met door willen gaan én op zijn stappen terug moeten komen, vaak wankelend en niet goed wetend welke kant hij op wil… Uiteindelijk vinden ze allebei wel hun plaats in het leven, de manier waarop ze daar komen is wel heel erg verschillend… Gewone mensen lopen gewild of ongewild op wisselende wijzen de weg van de wijze en de weg van de dwaas. Er zijn momenten van eenvoud, wijsheid en samenhang zonder enige aarzeling of twijfel. Er zijn ook momenten dat men het  niet weet:  naar voor of naar achter, rechtdoor of via omwegen, terugdraaien, stappen of springen, wuiven, weifelend wiegen, de handen in de lucht van geluk of vertwijfeling. De dans ademt tegelijk een vrolijkheid uit en heeft voldoende vaart om deze te beleven als een blij gebeuren waarbij men vrede heeft aan de gang van het leven, en vreugde put uit het samen dansen van het leven in zijn verschillende modaliteiten en zijnswijzen.

 

Dansbeschrijving

Dansbeweging 1

De dansers staan in een cirkel, hand in hand. De dans begint met een eenvoudige stappas naar rechts. Rechtsvoor, linksvoor, rechts voor links voor en wordt gevolgd door de wiegpas rechts opzij en links opzij (2x) terwijl de handen in de lucht worden geheven en het lichaam mee wiegt als een palm bewogen door de wind.  Deze dansbeweging 2x.

Dansbeweging 2

De danspas vertrekt hetzelfde maar krijgt een ander vervolg. Rechts vooruit en links vooruit;  het lichaam draait in tegen dansrichting, de stappen verder achterwaarts in dansrichting: rechts achterwaarts, links achterwaarts. De volgende stap rechts draait het lichaam weer voorwaarts in de dansrichting, de dansers laten elkaar los en in de volgende drie stappen wordt een kleine persoonlijke cirkel rechts om de eigen as gemaakt. De laatste stap is daarbij een kleine sprongpas met de linkervoet in de dansrichting. De rechter achterwaart tegen de dansrichting neerzetten en links opzij zetten. Daarna een sprongpas met rechts tegen de dansrichting gevolgd door links achterwaarts en rechts mee terugzwaaien in de dansrichting. Dit alles gevolgd door een wiegpas (dansers zoeken elkaars handen) in vier tijden: links, rechts, links, rechts, terwijl het lichaam (naar het midden gekeerd) mee wiegt en de handen geheven worden en zwaaien. Deze dansbeweging wordt hierna herhaald. De dans herhaalt verder: dansbeweging 1(2x) gevolgd door dansbeweging 2 (2x) terwijl de muziek versneld.

Kleine variaties in de dans kunnen zijn:

- De sprongpassen na de draaicirkel accentueren met een handklap.

- Het wiegen in dansbeweging 2 los van elkaar met wuivende handen boven het eigen hoofd.

 

Danspassen in beeld en variaties

https://www.youtube.com/watch?v=rsYtGF61dy0

http://www.youtube.com/watch?v=F0HDKA3IaKs

https://www.youtube.com/watch?v=PfQ0PC2XXmc

Muziek

https://www.youtube.com/watch?v=uzdj1hUiTV4

https://www.youtube.com/watch?v=O_qo1zq2kaE

mqdefault_edited.jpg
Midden%20met%20bijbel_edited.jpg
Midden Tsadik Katamar.png

BIjBeL & Dans

Didactische aandachtspunten.

 

De dansen zijn levensbeschouwelijk, meditatief en/of religieus van aard. Het begeleiden ervan vraagt om een zorgvuldige aanpak.

De dansen verlopen in stilte, met aandacht voor wat zich in lichaam en geest aandient bij het dansen.

De lichamelijke beweging bij de dans, roept van alles op aan belevingen, gevoelens, gewaarwordingen, herinneringen, denkbeelden, gedachtenflitsen... die betekenisvol (kunnen) zijn voor de dansers. Een veilig kader dat rust uitstraalt en waarbij emoties en diepgang een plaats krijgen, zijn belangrijke voorwaarden opdat het dansen betekenisvol wordt.

Zoek voor de dans een verzorgde sfeervolle ruimte of herschik het lokaal grondig zodat ook de wanden geen opeenstapeling van tafels en stoelen te zien geeft. Een goede muziekinstallatie met een heldere klankweergave is wenselijk. Stel het ge­luidsvolume evenwichtig in.

 

Het midden van de cirkel is een belangrijk symbolisch ankerpunt. Het midden symboliseert: de waarden, de centrale inhoud, het helende,

het heilige, inspiratievolle, het goddelijke... Het midden vormgeven is daartoe van belang. De voorwerpen die daarvoor dienst doen, dienen betekenissen van de dans mee op te roepen, de essenties symbolisch in beeld te brengen.

Bij lichtdansen een grote kaars op een kandelaar, met een mooie doek er omheen, of meerdere kleine kaarsen in een cirkel of spiraal.  Bij bijbeldansen een bijbel. Bij dansen rondom water: een schaal met water met wat groene bladeren of bloemblaadjes...

Midden licht.png
Midden lichtdans.png
Midden Kyrie Eleison.png
Midden%20met%20bijbel_edited.jpg
Midden Brondans.png

Dansen inoefenen

Als begeleider dien je deze dansen eerst meermaals zorgvuldig in te oefenen. Let daarbij goed op de moeilijkheden waar je zelf komt voor te staan, die kunnen straks helpen bij het aanleren van de dans aan anderen. Overdenk in stappen hoe je deze dansbewegingen kan aanleren.

Wat zeg je, wat reik je als suggestie aan? Hoe ga je om met de dansers die de bewegingen niet vlot oppikken, eigen maken?

Welke hulpmiddelen voorzie je? Hoe pas je de dansen aan, aan je doelpubliek?

 

Zorg voor voldoende rust bij jezelf en wees overtuigd van wat je gaat doen, ook al is het voor jou de eerste keer en ben je wat gespannen en onzeker over de goede afloop. Probeer overtuiging en rust uit te stralen. Eigen twijfels en angst breng je vaak ongewild op de dansers over.

Als het de eerste keer is dat je het dansen begeleid, breng je dit best gewoon even ter sprake. Verwoord eventueel iets van je eigen spanning en de hoop dat het een prettig gebeuren wordt.

 

Laat het dansen eventueel vooraf gaan door wat korte andere oefeningen met lichaamstaal ter voorbereiding of gewenning van de deelnemers.

 

Doe stapsgewijze de dansbewegingen voor, deel per deel, eerst traag en zonder muziek, daarna op ritme en later met muziek.

Verplaats je bij het voordoen van de bewegingen regelma­tig in de kring zodat een deel van de dansers niet altijd in spiegelbeeld de danspassen moeten leren. 

 

Zorg dat alle dansers de dansbewegingen kunnen uitvoeren vooraleer je deze dans als een ritueel start. Een kind dat de dans niet kent, kan niet goed deelnemen, vindt nooit de concentratie en stoort ook de anderen in hun beweging. Zorg wel voor een veilig klimaat waarbij een misstap doen niet erg wordt gevonden maar als eigen aan het leven. Ook tijdens de dans fouten maken is niet erg maar eerder vanzelfsprekend.

Sommige deelnemers kunnen bepaalde bewegingen minder goed uitvoeren, help hen met een simpelere handeling die ze wel kunnen.

De bewegingen kunnen tijdens de dans met een bepaalde intensiteit worden uitgevoerd, zodat deze lichtjes van elkaar kunnen verschillen. Dat is de belevingsruimte die het dansen met zich meebrengt, opwekt...  Stimuleer dit positief, een dans is geen keurslijf.

 

Betekenisgeving van de dans

Geef vooral de doelen en de inhouden van de dans goed aan, door een aantal symbolische houdingen en bewegingen toe te lichten. Overdenk op voorhand hoe en in welke mate je de religieuze werkelijkheid en/of de christelijke e.a. betekenissen ter sprake gaat brengen. Maak er een kort verhalend geheel van. Zorg voor evenwicht tussen je woorden over de dansbewe­gingen, de symbolische betekenissen, de mogelijke ervaringen... Overstelp zeker jonge kinderen niet met ‘teveel’ uitleg. Verduister het lokaal of temper het licht. Plaats in het midden een mooie kaars, schaal met water of bloemen eventueel aangevuld met andere religieus-godsdienstige elementen zoals een adventskrans, een beeld van Jezus... 

Bij bepaalde lichtdansen heb je theelichtjes nodig. Zorg voor glazen of plastic potjes die het kaarsvlammetje voldoende omhult. Bij de dansbewegingen waaien de lichtjes anders uit of druppelt er hete was op de handen van de dansers.  

 

Dansen in stilte

Laat de dansen in alle stilte verlopen anders verliezen ze hun meditatief karakter. Zorg voor de nodige sfeer, inleving en concentratie vooraleer je de dans aanzet. Vraag de dansers tijdens het dansen 'introspectief' aandacht te geven voor wat er aan belevingen, gewaarwordingen en denkbeelden bij hen naar boven komt tijdens het dansen. Bij aanvang van het dansen zal de aandacht in eerste instantie naar het goed kunnen uitvoeren van de danspassen en dansbewegingen zelf gaan. Na enige tijd, als de danspassen eigen gemaakt zijn en meer automatisch verlopen zal er meer plaats komen voor de belevingen zelf. Een dans herhalen is daarom vaak aangewezen om de beleving een grotere plaats te geven.

 

Vang onwennigheden en daarmee samenhangend storend gedrag (zoals gelach, gegrinnik, elkaar aanstoten enz.) begripvol op. Storingen geven aan dat men er nog niet helemaal klaar voor is. Ze zijn heel normaal. Geef daar positief aandacht aan, stel hen gerust. Met opmerkingen en reprimandes verpest men de sfeer. De deelnemers sluiten zich dan af. De openheid op wat de dans mogelijk te weeg brengt verdwijnt dan. Sommige kinderen, jongeren, volwassenen hebben meer tijd nodig om de ervaringen toe te laten, om danshoudingen te doorleven... Geef hen voldoende ruimte en erkenning. Toon begrip, nodig uit tot proberen en stimuleer.

Doorheen de stilte ontstaat er ruimte voor het gewaarworden van de danshoudingen en wat dit met je doet, ruimte voor gevoelens en denkbeelden, aandacht voor betekenissen van de dans en van jezelf.

 

Rond een dans ook zorgvuldig af. Tracht het einde steeds in overeenstemming met het slot van de muziek te brengen. Elkaars handen na de dans nog vasthouden en de stilte een enkele seconden of langer bewaren kan een hulp zijn om de belevingen beter in zich op te nemen. Men kan zich beter laten raken door het gebeuren dat nog nazindert. Samen gaan zitten en wat dichter bij elkaar schuifelen kan een vlotte overgang zijn naar een moment van uitwisseling van ervaringen.

 

Nagesprek

In de nabespreking gaat de aandacht naar de uitwisseling van de ervaringen. Aller­eerst over de belevingen die zijn opgekomen bij de dans.

Welke denkbeelden, verbeeldingen, gevoelens, herinneringen, gewaarwordingen... zijn er opgekomen tijdens de dans.

Specifieke aandacht gaat uit naar de ervaringen m.b.t. het thema van de dans: 'licht', ‘bron’, ‘met hart en ziel’, ‘vrede’.

Bevraag ook de belevingen bij de danspassen of het belang van een danshouding als levenshouding.

Bespreek de ervaringen van het  aanleren, het dansen, het in stilte dansen... Vraag ook naar wat moeilijk of helemaal niet lukte.

Niet elk kind ervaart zo’n dans als aangenaam vanaf het begin. Bereid de vragen die betrekking hebben op het religieuze goed voor. 

Vraag of de dansers bijvoorbeeld iets van verbondenheid, tederheid, zachtheid, warmte, plezier, contact…. gevoeld hebben.

Of ga nog dieper in door bijvoorbeeld te vragen naar hoe het voelt of wat ze bedenken bij de betekenissen van de dans

Dansen doet groeien

Kijk op lange termijn hoe kinderen, jongeren, volwassenen groeien aan elkaar doorheen de houdingen van de dansen.

Kijk hoe ze evolueren in hun (levens)houdingen.

Welke houdingen zou je meer gewenst zien in je klas of groep, door welke dansen kan je ze  helpen gedragingen aan te reiken…

Door deze dansen kan je een groepsdynamiek versterken, betrokkenheid verhogen, wederzijds respect genereren, openheid voor heelheid en heiligheid opwekken...

Nog meer dansen leren

Rita Schockaert  Alfons Braeckmanstraat 259 – 9040 St. Amandsberg. 09/2287045. www.grasgroeit.be

Rika Vandevenne ‘Het Oneindige’ Geitestraat 25  Izegem  051/316391 info@hetoneindige.be

Cecile De Cock Bernheimlaan 24 9050 Gentbrugge 0473/750251 www.helendedans.be